De theecultuur in Ostfriesland.
Japanse thee-ceremonie
Race om de wereld
Rooibos: jong of oud?
Thee in Tibet
Twee Theelegendes
De theecultuur in Ostfriesland.
In vroeger tijden werd er in Ostfriesland (Noord Duitsland) door de boerenknechten op het land veel bier gedronken. Dit zorgde voor het lessen van de dorst, en voor plezier in het werk. Aan het einde van een werkdag was dan het plezier of de vermoeidheid groot, de werkprestaties gingen er niet op vooruit. Toen de thee uit het Verre Oosten werd geïmporteerd waren de boeren nieuwsgierig naar deze nieuwe, gezonde dorstlesser. Er werden krachtige theebrouwsels gemaakt, en deze werden gedronken in plaats van bier. De thee was niet duur, de werkprestaties gingen er op vooruit en de boerenknechten voelden zich er goed bij. Zo was iedereen tevreden.
Inmiddels is er een hele eigen wijze van theedrinken ontstaan in Ostfriesland. Op zondag gaat men wandelen en komt dan terecht in een theeschenkerij. Daar wordt “Tee mit Kuchen” geserveerd. Men gebruikt hiervoor een stoofje(theelichtje) met daarop een grote kan sterke thee, porseleinen kopjes, kandij en room. Men gaat als volgt te werk: doe de kandij in het kopje, schenkt hierover de gloeiend hete thee, zodat de kandij knapt, giet vervolgens de room over de bolle kant van een theelepel in de thee zodat er een wolkje ontstaat. De thee wordt gedronken zonder te roeren, zodat men 3 smaakervaringen heeft: de pittige zwarte thee, de volle zachte room, en de zoete laag als besluit. De theelepel wordt hierna alleen nog gebruikt om aan te geven of men genoeg heeft gehad. Dan zet men de lepel in het lege kopje.
Er zijn inmiddels vele liefhebbers van de krachtige Ostfriese Theemelange.
[Terug naar boven]
Japanse thee-ceremonie
De japanse thee-ceremonie wordt cha-no-yu genoemd, en duurt, als men het alleen bij theedrinken houdt, ongeveer een uur. Bij een ceremonie van ongeveer 4 uur worden ook allerlei lichte spijzen geserveerd.
Als de gasten aankomen wandelen zij eerst wat in de tuin, er wordt bij voorkeur niet gepraat. Als men, heel sporadisch, iets zegt gaat het alleen over schoonheid en de mooie dingen in het leven. Nadat zij hun handen hebben gewassen en schoenen hebben uitgetrokken, ontvangt de gastheer zijn gasten in een speciale, eenvoudig ingerichte ruimte. De enige versieringen in deze ruimte zijn een bloemstuk en een rolschildering, die door de gasten bewonderd worden. Er is altijd een oneven aantal gasten. Alle handelingen en voorwerpen in het ritueel krijgen speciale aandacht en zijn in overeenstemming met de 4 seizoenen (eten, bloemen, schildering). De gebruiksvoorwerpen zijn waardevol en gemaakt van natuurlijke materialen.
Het ritueel heeft 4 elementen die van wezenlijk belang zijn:
Wa – harmonie, verbondenheid met de natuur
Kei – eerbied, respect voor alles en allen
Sei – zuiverheid van geest en lichaam, zelfdiscipline
Jaku – stilte, volledige rust die alleen kan worden bereikt als de eerste drie elementen in acht zijn genomen.
Het theegerei dat gebruikt wordt zijn: de theekom ( chawan ), een komfoor ( furo ), een theeketel ( okama ), een theeschepje, een bamboeklopper ( chasen ), een linnen doekje (chakin) om af te drogen, een zijden doekje ( fukusa ) om het theebusje en de theelepel mee af te vegen, een theebusje met groene theepoeder ( matcha ) en een waterreservoir.
In sommige gevallen vertelt de gastheer over de bijzonderheden van de voorwerpen die hij gebruikt, zoals wanneer het theebusje vroeger ook al door zijn vader werd gebruikt, of dat de theeketel op bijzondere wijze is vervaardigd.
Een japanse theeceremonie kenmerkt zich door rust, respect, eenvoud en schoonheid.
[Terug naar boven]
Race om de wereld
In de 17 e en 18 e eeuw werden er uit het verre oosten allerlei producten gehaald om in de westerse wereld te verhandelen. Men haalde: zijde, kruiden en specerijen, koffie, parels, edelstenen, en ook thee.De eerste schepen die thee van China naar Londen vervoerden waren lang onderweg, zo`n 12 tot 15 maanden. Ze voeren helemaal rond de kaap (Zuid Afrika). Er ontstond een soort competitie in wie het snelste zijn vracht uit het oosten kon binnenvaren. Hiervoor moest men zich ontwikkelen: zoeken naar de gunstigste route (hoe kom ik langs gevaarlijke klippen en stromingen), de meeste kennis over weer en wind en hoe maak ik mijn schip sneller. Rond de helft van de 19 e eeuw werden er klippers gebouwd, grote slanke zeilschepen. Deze konden de vracht in ongeveer 8 maanden “halen”. Door de thee zo compact en stabiel mogelijk te laden werden de prestaties van de schepen nog eens verbeterd. Er ontstonden echte “tea-races”: er vertrokken een aantal klippers tegelijkertijd, en wie er het eerst in Londen aankwam kreeg de beste prijs voor zijn thee, en een bonus voor de bemanning. Aan de beroemdste tea-race, in 1866, deden 40 klippers mee. Het verhaal gaat dat er een conflict ontstond over wie de tea-race gewonnen had, en toen kieperde de bemanning de gehele lading thee in de haven overboord.
Later werd het Suezkanaal geopend en werd de thee vervoerd door stoomschepen. Zo kwam er een einde aan de spannende races om de wereld.
[Terug naar boven]
Rooibos: jong of oud?
De geschiedenis van rooibos is niet zo oud als die van groene en zwarte thee. Eigenlijk weet niemand precies wanneer de eerste mensen in het Cedergebergte in Zuid-Afrika zijn begonnen om rooibos als thee te bereiden.
In 1904 zwierf een Rus, Benjamin Ginsberg, in Zuid-Afrika rond. Hij ontdekte dat men daar thee maakte van een rooi bossie. Hij vond het een heel smakelijk drankje. Benjamin Ginsberg kwam uit een familie van theehandelaren en wist als geen ander hoe je een nieuwe thee op de markt moest brengen. Hij maakte kleine proefzakjes van rooibos, en liet deze uitdelen in de straten van Kaapstad. Zo leerden niet alleen de inwoners van de stad deze thee kennen, maar verbreidde het nieuws ervan zich via de havens richting Europa. Al snel waren de beschikbare rooibossies in de vrije natuur niet voldoende om aan de groeiende vraag te voldoen, en er ontstonden speciale plantages.
Vele wetenschappers bogen zich over dit nieuwe fenomeen, en ontdekten dat rooibos vele waardevolle stoffen voor het lichaam bevat (lees Rooibos onder het hoofdstuk Gezondheidswerking).
Tot voor enkele jaren was de rooibos bij het grote publiek in Nederland vrijwel onbekend. Inmiddels is er het één en ander veranderd. Vele mensen kennen het inmiddels en zijn zeer gehecht geraakt aan deze zachte aromatische gezondheidsdrank. Naast het gezondheidsaspect wint de smaak van rooibos (blijft zacht vanwege het lage looizuurgehalte) steeds meer harten en is het een echte thee voor jong en oud!
[Terug naar boven]
Thee in Tibet
In Tibet wonen veel mensen in bergachtig gebied, en hebben geen winkel om de hoek. De thee wordt er doorgaans bewaard in de vorm van een koek, zodat er minder zuurstof met de thee in aanraking komt, en de thee dus lang bewaard kan worden.
Thee zetten is er een heilig offer, en het wordt dus met zorg bereid. Er wordt een stukje van de theekoek/theetegel vermalen en enkele minuten in vers water gekookt. Daarna wordt de thee er uitgezeefd boven een ketel en vermengd met geitenmelk of yakboter en zout. Deze traditionele Tibetaanse theedrank wordt tsampa genoemd. Het is een voedzame drank, en dat is ook nodig, want in de bergen is het vaak koud en onherbergzaam. Bij de tsampa eet men een platte gerste- of tarwekoek.
[Terug naar boven]
Twee Theelegendes
Theelegende 1
Er was eens een keizer, hij heette Shen Nung. Op een keer was hij op handelsreis door China. In een woud wilde hij wat uitrusten, en hij gaf zijn bediende de opdracht water te koken. De keizer was namelijk zeer gesteld op hygiene. Terwijl het water op het vuurtje stond, dommelden de keizer en de bediende wat in slaap. Maar na korte tijd werden ze wakker door een heerlijke geur die in hun neusgaten kwam. Er waren een paar blaadjes van een hen onbekende struik in het kokende water gevallen. En zo werd deze keizer de eerste theedrinker in de geschiedenis.
Theelegende 2
Er was eens een Tibetaanse monnik (sommigen zeggen dat het de boeddha zelf was) die zich voornam om een paar jaar achtereen te mediteren. Hij hield het een hele poos vol, maar na een aantal maanden werden zijn oogleden wel zwaar. Zo zwaar dat hij dacht dat hij het mediteren niet langer vol zou houden. Daarom knipte hij zijn oogleden af. Op de plek waar zijn oogleden op de grond vielen, groeiden de eerste theestruiken.
[Terug naar boven]
|